Zat 28 Nov

Emoties

Geloof het of niet, we hebben allemaal emoties. Alleen heeft onze hedendaagse cultuur ervoor gezorgd dat je die zo min mogelijk laat zien. Het risico is groot dat het als zwakte wordt gezien. Toch kunnen we niet voorkomen dat er “lekkage” optreed. Ongeveer 250 milliseconden lang laten we zien wat we werkelijk denken. Dat is een kwart seconde voordat het cognitieve systeem ingrijpt. Wanneer je goed oplet en weet welke acht indicatoren er zijn, kun je de emotie herkennen. Wanneer je hier meer over wilt weten raad ik je de boeken van dr. Paul Ekman of Pamela Meyers aan. De meeste van deze boeken zijn op leugendetectie gericht, maar vooral Ekman beschrijft het hele spectrum. Liegen interesseert mij niet erg veel, we liegen allemaal.

Schokkend nieuws, niet?

Wanneer we een vreemde ontmoeten hebben we de eerste tien minuten reeds drie keer gelogen. Ja, jij ook… We liegen één keer per zes interacties met onze vriend(in). Dat vermindert tot één op de twaalf keer wanneer we getrouwd zijn, alleen liegen we dan heftiger.
Maar één van de emoties die ik wil beschrijven is minachting. Iemand trekt aan één kant zijn lip op en kijkt enigszins boos. De blik duurt van een kwart seconde tot ongeveer twee seconden. Wanneer je die ziet: draai je om en loop weg, teken het contract niet of zeg het huwelijk af.

Wat moet je doen als je een collega je een dergelijke blik toewerpt? Tja, wordt moeilijk. Begin maar met een middelvinger op te steken en zet je schrap, hij zal je hoe dan ook onderuit proberen te halen.

Maar wat doe je als je baas je zo aankijkt?

Mijn advies blijft dan staan. Begin deze maand startte ik bij een nieuwe werkgever in Krimpen aan de Ijssel die me erg leuk leek. Het enige nadeel was de reistijd van tweeëneenhalf uur, maar ik zou gewoon verhuizen. Op de start van mijn zevende werkdag wilde ik een kop koffie pakken. De vaatwasser draaide en de kopjes waren op. Ik pakte een kop uit de machine om hem met de hand te wassen. Op dat moment werd ik stijf gescholden door één van de eigenaren. Hij loog over de functies van de vaatwasser en toen ik dat weerlegde werd hij nog kwader. Hyperbolisch taalgebruik, vaak het woord “ik” gebruikend werd het me glashelder wat voor een tiepje het was. Furieus was hij, omdat ik koffie pakte terwijl iemand de dag ervoor de vaatwasser was vergeten aan te zetten. Ook zag ik het bovengenoemde lipje. Later zou ik die nog twee keer zien.

Ben de volgende dag niet meer terug gegaan. Ik werk nu in Utrecht…